Het nieuwe Burgerlijk Wetboek

Het relatievermogensrecht en nalatenschappen, schenkingen en testamenten worden ook opgenomen in het nieuwe Burgerlijk Wetboek.

Het Burgerlijk Wetboek is enige tijd geleden op hervormingstrein gestapt. Het oude Burgerlijk Wetboek dateert immers nog van 1804.

Waar men in de eerste plaats het goederenrecht en bewijsrecht hervormde (inwerkingtreding 1 september 2021), treedt op 1 juli 2022 ook het boek 2, titel 3 “relatievermogensrecht” en boek 4 “nalatenschappen, schenkingen en testamenten” in werking.

De wet van 19 januari 2022 houdende  “relatievermogensrecht” en  “nalatenschappen, schenkingen en testamenten” van het burgerlijk wetboek is op 14 maart 2022 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Inhoudelijk wijzigt er niets aan het relatievermogensrecht, erf- of schenkingsrecht. Het relatievermogensrecht en het erf- en schenkingsrecht werden immers reeds inhoudelijk hervormd sinds 1 september 2018.

De wetgever beoogde de wettelijke bepalingen logischer te structureren en duidelijker te formuleren. Daarnaast opteerde hij er ook voor om oud taalgebruik te verwijderen. Bijvoorbeeld:

  • “diens” vervangt men door “van zijn”
  • “aangenomen kinderen” vervangt men door “geadopteerde kinderen”
  • “onbillijk” vervangt men door “onredelijk”

Kortom is het nieuwe Burgerlijk Wetboek leesbaarder en aangepast aan zijn tijd. Daarnaast heeft de wetgever ook oog gehad op een uniforme vertaling van het Frans naar het Nederlands en vice versa.

Men opteerde ook voor een uniforme terminologie over het volledige Burgerlijk Wetboek. Bijvoorbeeld het begrijp “bewijsmiddelen”. In het actuele huwelijksvermogensrecht onderwerpt men bewijs tussen echtgenoten aan zeer ruime en soepele regels. De wetgever omschrijft het toegelaten bewijs in verschillende bepalingen in het Oud Burgerlijk Wetboek als volgt:  “alle middelen, met inbegrip van getuigenissen en vermoedens en zelfs van algemene bekendheid”.

In het wetvoorstel werd deze opsomming van wat men begrijpt onder “bewijs”  systematisch vervangen door een de volgende eenvoudige uitdrukking: “alle bewijsmiddelen”. Sinds de inwerkingtreding van het bewijsrecht (boek 8) is het niet meer nodig om te schrijven dat onder “alle bewijsmiddelen” ook getuigenissen en vermoeden begrepen zijn aangezien dit volgt uit de wettekst zelf (artikel 8.28, 8.29 en 8.31 NBW).

Bijkomende vragen?

Onze advocaten blijven steeds op de hoogte van de recentste ontwikkelingen in het gerechtelijk landschap. Aarzel niet om ons team Familierecht te contacteren bij bijkomende vragen.

Wist u dat we ook eerstelijnsadvies bieden via onze webshop?

Webshop

Meer artikels over familierecht

Daarom gebruiken sommige vrouwen de naam van hun man

In de praktijk zijn het bijna uitsluitend vrouwen die de naam van hun echtgenoot aannemen. Bij de vorige generaties gebeurde dat continu, maar nu steeds...

Lees verder

Depp vs. Heard

Vrijdag 3 juni, Het Laatste Nieuws, Klik hier om het artikel te lezen. “Echt heel bizar”: Vlaamse advocate analyseert vonnis in de zaak Johnny Depp...

Lees verder