Het Vlaams Huurdecreet

Geactualiseerd op 26 januari 2022

Op 14 juli 2017 keurde de Vlaamse Regering het Vlaams Huurdecreet goed, dat naar alle waarschijnlijkheid in werking zal treden op 1 september 2018.

1.

Één van de belangrijke wijzigingen die dit decreet teweeg zal brengen, betreft de nieuwe regeling omtrent de verplichtingen van de (nabestaanden van) de huurder in geval van diens overlijden.

Volgens de huidige wetgeving neemt de huurovereenkomst bij het overlijden van de huurder of verhuurder immers geen einde.

De huurovereenkomst blijft bestaan, zodat de nabestaanden de huurovereenkomst slechts kunnen beëindigen mits het respecteren van de geldende voorwaarden en termijnen.

Het nieuwe decreet verandert dit en biedt de nabestaanden van de huurder uitgebreidere mogelijkheden.

Concreet kunnen de nabestaanden vóór het einde van de tweede maand na het overlijden van de huurder aan de verhuurder laten weten dat zij de huurovereenkomst wensen verder te zetten, in welk geval de huurovereenkomst gewoon verder loopt.

Indien de nabestaanden binnen dezelfde termijn laten weten de huurovereenkomst niet te willen verderzetten, of laten zij na enig bericht te laten, neemt de huurovereenkomst automatisch een einde.

De nabestaanden dienen in dit laatste geval een vergoeding ten bedrage van één maand huurgelden te voldoen, dit is bovenop de huurgelden voor de twee maanden dat de huurovereenkomst nog van kracht was na het overlijden.

Volgens de nieuwe regeling kunnen nabestaanden nog slechts geconfronteerd worden met een vordering ten bedrage van drie maanden aan huurgelden. Onder de huidige wetgeving genieten zij geen bescherming en kunnen ze steeds worden aangesproken voor achterstallige huur, bijvoorbeeld wanneer de huurovereenkomst – vaak uit onwetendheid van het bestaan hiervan – is blijven verder bestaan.

2.

Een ander vlak waarop men tracht de huurder te beschermen, betreft het invoeren van een wettelijke omkadering omtrent de informatie die de verhuurder mag opvragen bij het aangaan van een huurovereenkomst.

Hierbij tracht men het recht op privacy van de huurder te beschermen, alsook deze te vrijwaren tegen mogelijke vormen van discriminatie.

Op 18 maart 2009 bracht de Commissie voor de Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer hieromtrent reeds een aanbeveling uit.

Hierin gaf men reeds aan welke informatie de verhuurder al dan niet mag opvragen bij de huurder, bijvoorbeeld om discriminatie op vlak van leeftijd of nationaliteit tegen te gaan.

Het nieuwe decreet zal bepalen dat de verhuurder enkel die documenten kan opvragen die noodzakelijk zijn om na te gaan of de kandidaat-huurder aan zijn huurdersverplichtingen zal kunnen voldoen.

Deze documenten worden echter niet nader omschreven, zodat de vrederechters geval per geval zullen moeten bekijken welke documenten onder de besproken voorwaarde mogen worden opgevraagd door de verhuurder.

3.

De invoering van het nieuwe decreet beoogt aan de andere zijde tevens een verhoging van de bescherming van de verhuurder.

Vanaf 1 september 2018 zal de huurder immers een huurwaarborg ten bedrage van drie maanden huur dienen te voldoen bij het aangaan van een nieuwe huurovereenkomst.

In dezelfde adem erkent men dat zulks voor vele huurders een aanzienlijke drempel betekent om een geschikte huurwoning te vinden, zodat hieraan tegemoet zou worden gekomen met het invoeren van de mogelijkheid om een renteloze en anonieme lening aan te gaan voor het voldoen van de huurwaarborg.

Aarzel dan ook niet om tijdig met ons kantoor contact op te nemen voor een advies op maat.