Afwezigheid bodemattest bij aankoop/verkoop grond kan niet meer automatisch worden ingeroepen als reden tot nietigheid van de verkoop

Geactualiseerd op 26 januari 2022

Principieel geldt in hoofde van de verkoper van een perceel grond de verplichting om de kandidaat-koper, voorafgaand aan het sluiten van een koop-verkoopovereenkomst, expliciet in kennis te stellen van de inhoud van het meest recente bodemattest (artikel 101, § 1 Bodemdecreet).

 

Met deze bepaling heeft de wetgever de koper willen beschermen tegen de aankoop van vervuilde grond indien hij niet tijdig op de hoogte wordt gebracht van de inhoud van het bodemattest.
Indien de inhoud van het bodemattest door de verkoper niet voorafgaand aan de verkoop was voorgebracht, kon de koper de koop-verkoop alsnog nietig laten verklaren.

 

Deze mogelijkheid tot nietigverklaring werd eerder uitdrukkelijk door het hof van beroep Antwerpen erkend in o.m. haar arrest van 10 oktober 2016.

 

Er is steeds onduidelijkheid blijven bestaan omtrent deze mogelijkheid tot nietigverklaring. De nietigheid is immers een zeer strenge sanctie.

 

Het Hof van Cassatie heeft hierin verandering gebracht door haar uitspraak van 22 maart 2018.
In de koop-verkoopovereenkomst kan volgens het Hof van Cassatie namelijk op rechtsgeldige wijze een opschortende voorwaarde worden opgenomen van het verkrijgen van een bodemattest waaruit blijkt dat de te verkopen grond niet vervuild is.

 

Blijkt uit het later bekomen bodemattest dat de grond toch vervuild is, vindt de koop-verkoop geen doorgang.

 

Blijkt uit het later bekomen bodemattest dat de grond niet is vervuild, is de koop-verkoop alsnog rechtsgeldig gesloten, ook al lag het bodemattest nog niet voor bij het ondertekenen van de koop-verkoopcompromis.

 

Het formuleren van de opschortende voorwaarde dient uiteraard nog steeds met de nodige omzichtigheid te gebeuren.
Wij helpen u daar graag bij.