Kan ik vluchtmisdrijf plegen, wanneer ik na een aanrijding binnen 24 uur hiervan aangifte doe bij de politie of bij mijn verzekeringsmaatschappij ?

Deze vraag werd mij al meerdere malen gesteld in mijn praktijk. Kan ik nog schuldig zijn aan vluchtmisdrijf, wanneer ik als bestuurder van een voertuig na een aanrijding met een geparkeerd voertuig of met een ander voorwerp, zoals een verkeersbord of een paaltje, hiervan aangifte doe binnen de 24 uur?

Die vraag is kennelijk een gevolg van een verplichting die is te lezen in artikel 52.3, laatste alinea Wegverkeersreglement.  Volgens die norm moet elke persoon betrokken in een ongeval dat lichamelijk letsel heeft veroorzaakt, aangifte doen van het ongeval uiterlijk binnen 24 uur, hetzij op het dichtst bij gelegen politiebureau, hetzij op dat van zijn of haar woon- of verblijfplaats, indien geen bevoegd persoon binnen een redelijke termijn kan bereikt worden.

Bij een ongeval dat uitsluitend stoffelijke schade heeft veroorzaakt, moet elke persoon betrokken in zo’n ongeval zoveel mogelijk ter plaatse zijn of haar naam en adres opgeven, als een partij die schade heeft geleden, niet aanwezig is.  In ieder geval moeten de betrokken personen deze inlichtingen zo haast mogelijk rechtstreeks of door tussenkomst van politie meedelen (artikel 52.2, laatste alinea Wegverkeersreglement).

Het naleven van deze verplichtingen sluit echter geen vluchtmisdrijf uit. 

De bestuurder van een voertuig, die in aanrijding is gekomen met een geparkeerd voertuig of een ander voorwerp, maakt zich schuldig aan vluchtmisdrijf, wanneer hij :

  1. Wetende dat zijn voertuig oorzaak van, dan wel aanleiding tot een verkeersongeval op een openbare plaats is geweest
  2. De vlucht neemt
  3. Om zich aan de dienstige vaststellingen te onttrekken, zelfs wanneer het ongeval niet aan zijn schuld te wijten is.

 

In het aangehaalde geval zijn er dus drie essentiële voorwaarden. Zo moet de bestuurder van het voertuig, die in aanrijding is gekomen met een geparkeerd voertuig of een ander voorwerp, weten dat hij de oorzaak van of de aanleiding tot een ongeval is geweest. Het bewijs van deze kennis wordt soeverein beoordeeld door de rechter.

Bovendien moet de betrokken bestuurder de vlucht hebben genomen. Dit vereist niet dat de betrokken bestuurder zich uit de voeten moet maken.  Ook wanneer die bestuurder ter plaatse blijft, maar zich niet bekend maakt, maakt hij zich mogelijk schuldig aan vluchtmisdrijf.

Het meedelen van zijn identiteitsgegevens aan een toevallige getuige of passant, sluit echter geen vluchtmisdrijf uit.  Ook in die situatie kan het uit de voeten maken of wegrijden worden beoordeeld als de vlucht nemen om zich aan de dienstige vaststellingen te onttrekken. Dit laatste is de derde voorwaarde.

Met de ‘dienstige vaststellingen‘ worden niet alleen de vaststellingen bedoeld die vereist zijn om de verantwoordelijkheid voor het ongeval te bepalen, maar ook de vaststellingen met betrekking tot dronkenschap of alcoholintoxicatie. Dit verklaart waarom een latere aangifte bij de politie vluchtmisdrijf niet kan uitsluiten.

Daarnaast verklaart dit waarom het geen goed idee is om na een ongeval alcohol te nuttigen, al is het om te bekomen van de emoties.  Dit gedrag kan immers worden beschouwd als een uiting van het opzet om zich aan de nuttige vaststellingen te onttrekken.

Bij een aanrijding met een geparkeerd voertuig is het dus aangewezen om ter plaatse naam en adres achter te laten op een briefje, eventueel te steken onder een ruitenwisser en bovendien zo snel mogelijk telefonisch de politie te verwittigen.   Wanneer je dan handelt volgens de instructies van de politie, riskeer je geen vluchtmisdrijf.

Bij een aanrijding met een voorwerp als een verkeersbord of een paaltje, adviseer ik onmiddellijk de politie telefonisch te verwittigen.

Zoals bij ieder ongeval kan je ter plaatse met je smartphone foto’s nemen van de schade – ook die aan je eigen voertuig – om latere discussie over de omvang van de toegebrachte schade te beperken.

Heb je nog vragen of wil je persoonlijk advies, kan je contact nemen met Meester Tom Dael of Meester Nina Verbrugge op ons kantoor.

Meer artikels over aansprakelijkheids – en verzekeringsrecht

Arts raakt deels verlamd door foutief uitgevoerde epidurale verdoving

Het slachtoffer in deze zaak, die zelf arts is, nam Mr. Kris Luyckx & Mr. Nina Verbrugge onder de arm om uiteindelijk een verdiende schadevergoeding...

Lees verder

Kan ik als jeugdleider aansprakelijk worden gesteld?

Ieder weekend spenderen duizenden jongeren heel wat van hun vrije tijd in een jeugdbeweging. Leiders in die jeugdbeweging organiseren tal van activiteiten om de jongere...

Lees verder