Is mijn verkeersongeval gefilmd en zijn de beelden bruikbaar als bewijsmateriaal?

Sinds enkele jaren is het gebruik van camera’s exponentieel gestegen. In welke mate zijn camerabeelden toelaatbaar als bewijsmiddel bij een verkeersongeval?

We zijn al langer vertrouwd met flitscamera’s of automatisch werkende toestellen die het bewijs kunnen opleveren van snelheidsovertredingen. Die toestellen hoeven zelfs niet bemand te zijn om een bijzondere bewijswaarde te hebben. De vaststellingen van die toestellen gelden volgens de wegverkeerswet in principe zolang het tegendeel niet is bewezen, wanneer het gaat om welbepaalde overtredingen.

Het gaat niet alleen om snelheidsovertredingen, maar ook om rijden op de pechstrook van een autosnelweg, het negeren van een rood licht, het nemen van een verboden richting, enz.

De rechtspraak beschouwt die vaststellingen als een toegestane tussenkomst in de uitoefening van het recht op privacy. Sinds enkele jaren zien we een toename van het gebruik van camera’s, ook door privépersonen of bedrijven. Die camera’s zijn soms ook gericht op de openbare weg. Bij een dashcam of fietsbril met camera kan het bovendien de bedoeling zijn om eventuele ongevallen te registreren.

Worden de gefilmde beelden van een ongeval aanvaard als bewijs in een gerechtelijke procedure ?

Terwijl politiecamera’s vallen onder de wet op het politie-ambt, vallen bewakingscamera’s onder de zogenaamde Camerawet van 2007.  Die camerawet is van toepassing op het gebruik van bewakingscamera’s in plaatsen die niet door een omsluiting zijn afgebakend en die vrij toegankelijk zijn voor het publiek, waaronder openbare wegen.

Wanneer men de betrokkene kan identificeren aan de hand van de beelden, is er sprake van persoonsgegevens. In dat geval is ook de wet met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens van toepassing. Verwerking van persoonsgegevens is toegestaan voor zover dat noodzakelijk is voor het beheer van eigen geschillen.

Wat is dan de situatie van personen die in beeld komen ?

Stel dat je het slachtoffer was van een verkeersongeval en je vermoedt dat dit ongeval gefilmd is door een bewakingscamera. Volgens de Camerawet heeft iedere gefilmde persoon een recht van toegang tot de beelden.

Je moet daartoe een verzoek richten aan de verwerkingsverantwoordelijke. Dit verzoek moet voldoende gedetailleerd zijn om de betrokken beelden precies te kunnen lokaliseren.

Houd hierbij rekening met de maximale bewaartermijn van de beelden (dit is in principe slechts één maand). Snel handelen is dus de boodschap!

In geval van aangifte van een ongeval bij de politie kan je aandringen op het bekomen van de camerabeelden, aangezien beelden die een misdrijf vaststellen, kosteloos moeten worden overgedragen aan de politiediensten indien zij hierom verzoeken.

Wat nu als in een gerechtelijke procedure beelden worden voorgelegd met miskenning van de wettelijke bepalingen ?

Zolang die wettelijke bepaling niet op straffe van nietigheid is voorgeschreven, aanvaardt de rechtspraak meestal de beelden als een bewijsmiddel.

Zowel in strafprocedures, als in een procedure voor de burgerlijke rechter weert men onregelmatig vergaarde beelden slechts uit de debatten van zodra men aantoont dat de onregelmatigheid het recht op een eerlijk proces in het gedrang heeft gebracht of de betrouwbaarheid van het bewijsmateriaal heeft aangetast.

Zo heeft de politierechtbank in Brussel het bewijs aanvaard dat onder meer was geleverd door een cd met beelden gefilmd door een dashcam. Ook de politierechtbank in Verviers aanvaardde zulke beelden als bewijs, hoewel de camera niet was aangemeld bij de Privacycommissie.

De rechtbank van eerste aanleg in Gent oordeelde in dezelfde zin over de beelden van een camera die was opgesteld aan een kruispunt, maar die evenmin was aangemeld bij de Privacycommissie.

Het recht op privacy wordt volgens het Hof van Cassatie wel miskend wanneer de vaststelling van een verkeersovertreding op de openbare weg is gebeurd in de auto van een politiepatrouille uitgerust met drie camera’s en in aanwezigheid van derden die tot een televisieproductiehuis behoren en die zo van meet af aan op een actieve wijze bij de opsporingsfase werden betrokken.

De betrouwbaarheid van het bewijsmateriaal kan dan weer worden aangetast, wanneer de beelden werden gemanipuleerd of bewerkt.

Nog bijkomende vragen?

In geval van vragen kan u steeds contact opnemen met de advocaten van het team aansprakelijkheidsrecht en verzekeringen.  Omdat na een ongeval soms snel moet worden gehandeld, adviseren we om na een ongeval niet te wachten met het stellen van vragen. Zo kan worden vermeden dat bewijsmateriaal verloren gaat.

Wist u dat we nu ook eerstelijnsadvies bieden via onze webshop? Zowel fysiek als digitaal!